Squid @ Paradiso Amsterdam, 7 oktober 2021

Nadat ik de engelse band Squid een aantal jaren geleden op Into The Great Wide Open zag spelen, kon ik niet wachten ze nog een keer te zien. Niet veel later speelden ze op het London Calling festival waar ze geplaagd werden door problemen met het geluid, maar desondanks lieten ze zien één van de meest interessante bands van dit moment te zijn. Reikhalzend keek ik uit naar het debuutalbum ‘Bright Green Field‘ dat een half jaar geleden uitkwam en wat voldeed aan alle verwachtingen. Dit had de zomer van Squid moeten worden, met veel festival optredens, maar een of andere pandemie dacht daar anders over. Gelukkig konden ze onlangs beginnen aan een Europese tour en brengen ze opnieuw een bezoek aan de Amsterdamse poptempel.

Daar is de grote zaal flink volgelopen voor het engelse vijftal, die blijkbaar ondanks alle beperkingen de laatste anderhalf jaar, niet onopgemerkt zijn gebleven. Gelukkig maar, want ze bewijzen vanavond het wachten meer dan waard te zijn geweest. Vanachter zijn drumstel spoort Ollie Judge met hoekige grooves en zijn bijna wat hysterische vocalen de menigte aan om volledig los te gaan. Het doet denken aan LCD Soundsystem, die op dezelfde manier met een punk instelling zeer dansbare nummers spelen.

Squid zoekt ook regelmatig het experiment op en bedient zich niet van de eenvoudige weg om het publiek te behagen. Zo worden oneven maatsoorten niet uit de weg gegaan en zitten hun nummers vol met verrassingen die het publiek soms de verkeerde kant opsturen. Ook bouwen ze soms langzaam op naar een schijnbare climax die vervolgens niet komt. De circle pit die een paar keer ontstaat wil daarom niet exploderen, al is het een geweldig gezicht natuurlijk, en laat niemand zich tegen houden om in de pit hard en wild te dansen. Over enthousiasme van het publiek valt toch al niet te klagen, want regelmatig staat de hele zaal van voor tot achter te springen. Het is fijn om weer eens zo’n uitzinnige zaal te zien, die er overduidelijk zin in heeft.

Die energie spat ook van het podium want het vijftal staat heerlijk te spelen. Regelmatig wordt door gitaristen Louis Borlase en Laurie Nankivell de grote tafel vol met electronica bezocht om de nummers nog wat van extra energie te voorzien. Samen met toetsenist Anton Pearson worden er ook laagjes met fraaie synthesizer partijen aangelegd, als een soort tapijtjes om de muziek soms wat warmte mee te geven. Borlase speelt hier en daar trompet partijen en alle leden spelen regelmatig een stukje percussie mee. Dit soort vernuftige elementen maken de muziek van Squid zo leuk en speels, maar tegelijkertijd is er heel goed over nagedacht.

Je zou bijna vergeten dat de band ook nog eens wat te melden heeft, want de nummers zijn doorspekt met hun visie van de hedendaagse wereld en de UK in het bijzonder. Dat dit niet altijd een even vrolijke visie is, zal geen verrassing zijn. De daarbij behorende ongerustheid, nervositeit en zorgen die dat met zich meebrengt voor deze twintigers, hoor je terug in hun nummers. Ook als ze het live spelen, zit er een bepaalde urgentie in de muziek, alsof de band je echt bij de les wil houden. Niet dat dat een probleem is, want ze spelen hier de planken uit de vloer. De band is scherp en speelt geconcentreerd, strak en met veel vuur. De vijf kwartier die gespeeld wordt, zijn dan ook zo omgevlogen. Ik neem aan dat ieder festival deze band allang geboekt heeft, want dat gaat dan gegarandeerd een knalfeest worden.

> Bekijk alle foto’s

Website | Instagram | Spotify | Twitter | YouTube | Facebook

Setlist:

  1. Sludge
  2. G.S.K.
  3. Fugue
  4. The Cleaner
  5. 2010
  6. Peel St.
  7. Boy Racers
  8. Paddling
  9. Sevenz
  10. Narrator
  11. Pamphlets